Dagen zonder Halbe #11

Sinds ik mij zeer bewust ben van de opkomst van China heb ik een nieuwe tic. Regelmatig loop ik winkels als Action en Big Bazar binnen om te kijken waar hun koopwaar gefabriceerd is. Ik geef u op een briefje: negen van de tien dingen die u lukraak uit het rek trekt bij dit soort winkels, is gemaakt in China.

Een stijlvolle stuntwinkel viel me vandaag op: de Flying Tiger. De Flying Tiger heeft -om het in lelijke marketingtaal te zeggen- ‘een nogal Scandinavische look & feel’. De huisstijl is een speels zwart lettertype op smetteloos wit. ‘Designed with love in Denmark’ staat er op bijna elk product dat je in deze Action voor hogeropgeleiden kunt kopen. Het woord ‘love’ in de vorm van een hartje.

Vanmorgen heb ik ook in deze winkel de nodige spullen nader bestudeerd. U raadt het al: met dezelfde zeecontainer aangekomen uit China.

Advertenties

Dagen zonder Halbe #10

Al tien dagen zonder Halbe. En nog steeds is er geen opvolger. Edith Schippers wil niet en Han ten Broeke heeft gezondheidsproblemen. VVD-europarlementariër Hans van Baalen wordt ook genoemd.

Vorige week werd Hans van Baalen geïnterviewd op BNR Nieuwsradio. Op de vraag of hij nog steeds achter zijn omstreden optreden op het Maidanplein in Oekraïne in 2014 staat, antwoordde hij: “Als er mensen vermoord worden, moet je er gaan staan. Anders heb je geen gevoel in je donder”.

Er worden elke dag op tientallen plekken op de planeet mensen vermoord. Hans is reusachtig maar kan zichzelf niet door tachtig delen.

En dan het argument ‘geen gevoel in je donder’. Mijn vader zei dat ook altijd als ik ergens een relativerende opmerking over maakte. Als we naar SBS6 keken en er was nieuws over zinloos geweld bijvoorbeeld. Neem van mij aan: mensen die dit argument gebruiken, kun je niet vertrouwen.

Dagen zonder Halbe #9

In een problemenrubriek in een studentenblad schrijft een mannelijke student:

Valentijnsdag is achter de rug en ik heb mijn crush niet mee uitgevraagd. M’n crush is m’n klasgenoot en ik kan niet ontkennen dat ik een beetje verliefd op haar ben. Ik heb haar wel even gesproken en dat was gezellig, maar ik durfde het niet aan om haar mee op date te vragen.

Mijn advies: geniet zolang mogelijk van je onbeholpenheid en verlegenheid. Het moment dat ze de klas binnenkomt. Haar haren nog nat van het douchen thuis. Wat zou je daar graag deel van uitmaken, van de magische wereld die zij ‘thuis’ noemt.

De tafels in het klaslokaal in een u-vorm: blij met elke glimlach van haar jouw kant op.

Een kettinkje om haar blote enkel op een warme dag; je ziet jezelf met haar lopen over een ver strand maar hoe kom je in vredesnaam op dat punt?

Geniet ervan. Voor je het weet ben je oud en ervaren.

Dagen zonder Halbe #8

Mijn mentale bandbreedte werd gisteravond in beslag genomen door een bericht op telegraaf.nl. Een gerenommeerde Britse wetenschapper beweert dat wie nog geen 40 is, nooit zal sterven. In 2050 kunnen artsen het verouderingsproces van cellen omkeren en organen vervangen door geprinte exemplaren.

Het probleem is: ik moet al zoveel van mezelf. En nu moet ik waarschijnlijk ook nog eeuwig leven. Kan ik hiervoor psychische bijstand krijgen en zo ja, wordt die vergoed? Plus: welke overheid kan ik verantwoordelijk houden wanneer er, doordat er onvoldoende geld naar onderzoek ging, voor mij geen eeuwig leven mogelijk blijkt? Gaat Den Haag over dit soort subsidies of moet ik daarvoor in Brussel zijn? Op welke partij moet ik stemmen als ik eeuwig wil leven?

En dan nog iets: omdat mijn ouders er niet meer zijn, is Hades’ woning mijn nieuwe ouderlijk huis. Mag ik nu nooit meer naar huis?

Sensatiejournalistiek kost je zo een avond.

Dagen zonder Halbe #7

Op Wikipedia staat een lijstje met de langstzittende Nederlandse premiers. ‘Een laatste groet voor recordpremier Ruud Lubbers’, kopte de Telegraaf gisteren. Ruud is inderdaad recordpremier met 11 jaar en 291 dagen. Mark Rutte staat op dit moment achtste, met 7 jaar en 123 dagen.

Wim Kok is in zicht voor Mark. Over iets meer dan tweehonderd dagen pakt Mark de zevende plek af van Wim. Zou een premier net zo gebrand zijn op het inhalen van collega’s als een Formule 1-coureur?

Of is het zoals Hans Wiegel zei? Op de vraag wat hij het leukst vond aan zijn ministerschap antwoordde Wiegel: “Het leukste aan minister zijn is dat je kunt zeggen dat je het geweest bent”.

Ik pleit voor scores en statistieken in beeld tijdens het volgende lastige debat. *afstand huidige premier tot zevende plek Wim Kok: 168 dagen*

Dagen zonder Halbe #6

“Mogen de gordijnen dicht? Dat voelt voor mij wat meer geborgen”, zegt Juf M. als we gaan slapen. Vanuit mijn raam op 22 hoog zie je hoge flats en daarachter de A12. ‘s Nachts laat ik mijn gordijnen altijd open. Ik ben gaan houden van de lichtjes van de stad en de autolampen in de verte.

“Tuurlijk mag dat. Maar voor mij hoeft het niet”, zeg ik. En, peinzend: “Weet je wat het is? Sinds mijn ouderlijk huis er niet meer is, vind ik overal geborgenheid. Of nee, eigenlijk vind ik het nergens. En daarom dus overal.” Juf M. fronst.

Geestdriftig ga ik door: “Ja, dat is het. Ik heb heel veel geborgenheid gehad in de eerste vijfendertig jaar van mijn leven. Te veel eigenlijk, maar nu is het gelukkig op. Ik hoef er niet meer naar te zoeken. Als het niet zo koud was zou ik lekker op de vluchtstrook van de A12 gaan slapen.”

NRC’tje mee, meneer?

Mijn relatie met de jongen die mij elke dag op de Stadhuisbrug een gratis NRC aanbiedt is volkomen artificieel geworden. Hoe is dat zo gekomen? De oorzaak is volgens mij niet gelegen in het oppervlakkige karakter van ons contact. Veel verder dan ‘NRC’tje voor u meneer?’ en ‘Nee bedankt’ zijn we namelijk nooit gegaan. Het zit ‘m meer in de frequentie ervan. Elke dag is wel elke dag.

En elke dag biedt hij dat krantje aan en elke dag zeg ik ‘nee bedankt’ omdat ik weet dat als ik het aanneem, ik er een vervelend verkoopverhaal bij krijg. Hoe ik dat weet? Euhm, ja da’s een goeie. Een keertje ben ik dus wel verder gegaan dan ‘nee bedankt’. Het betrof hier -het zal u niet verbazen- de allereerste keer dat het me werd gevraagd. Maar dat was niet deze jongen, dat was zijn voorganger die het blijkbaar al snel voor gezien hield of werd ontslagen.

Nu heb ik dus al een hele tijd dezelfde aanbieder, en hij op zijn beurt heeft mij als vaste weigeraar. En het artificiële dat in ons contact is geslopen, zit ‘m naar mijn gevoel meer in mijn weigering dan in zijn aanbod. We hebben immers in de loop der maanden een volstrekt ongelijkwaardige verhouding gekregen. Moet je je voorstellen: hij biedt mij elke dag iets aan en ik weiger elke dag opnieuw. En dat week in week uit.

Naarmate deze situatie langer duurde ben ik mij steeds meer gaan verbeelden richting hem. Ik weiger mijn NRC’tje steeds statiger en parmantiger. De eerste twee weken zag ik hem nog gewoon als de krantenaanbieder en mijzelf als toevallige voorbijganger. Dat veranderde in week drie, toen ik mij inbeeldde dat ik Mark Rutte was en hij een journalist die een vraag stelde die ik niet wenste te beantwoorden.

Dat bleef een paar weken zo doorgaan. Ik groeide steeds meer in mijn rol van Mark Rutte, waardoor ik de vijftiende keer het ‘nee bedankt’ uitsprak met een hele grote neppe glimlach, alsof er een camera meedraaide en ik het electoraat niet wilde mishagen, ondanks mijn weigering om de vraag van de journalist te beantwoorden.

Ik had natuurlijk wel wat beters te doen; ik had staatszaken aan mijn hoofd. Poetin hing al aan de lijn en Trump had ik net neergelegd. De papieren onder mijn arm klemde ik nadrukkelijk tegen mijn wapperende zwarte jas. Mijn premiers-jas, mijn regerings-jas, mijn wereldleiders-jas. Onder mijn bevel stond de wereldvrede op het spel maar ik bleef vriendelijk lachen tegen de nietige kutjournalist.

Al snel ontsteeg ik Mark Rutte in mijn contact met de NRC-aanbieder. Nu was ik Emmanuel Macron. Vijftig meter voor ik hem passeerde zette ik mijn warmste glimlach al op. Mijn ogen moesten fonkelen als ik hem doordringend aankeek en ‘nee bedankt’ uitsprak. Dat had ik weleens gelezen over Bill Clinton, dat hij mensen die hem ontmoeten drie volle seconden lang het gevoel geeft dat alleen zij er toe doen.

Ik had het niet voor niets tot president van Frankrijk weten te schoppen. Mensen zoals ik geven licht, dat merk je niet alleen als je ze op tv ziet maar ook als je ze gewoon op straat tegenkomt en ze een gratis NRC aanbiedt. Zo ziet u maar, als de verbeelding er rijp voor is kunt u zich aan iedereen in uw omgeving omhoogtrekken. Die NRC-verkopers staan er niet voor niets.

voorgedragen tijdens de Vorlesebühne